Rouw vindt je overal

Je voelt het als de zon gaat schijnen
’t springt bij je achter op de fiets
het kruipt uit elke hoek tevoorschijn
het zit in alles en in niets

Ligt tussen kleding in de winkels
staat naast de koekjes op het schap
het sluipt in onbedaarlijk lachen
hangt aan je been bij elke stap

Het nestelt zich onder je dekens
bestuurt je dromen heel de nacht
en bij het openen van je ogen
zit het al naast je bed op wacht

Je hoort de klank in ieder liedje
zingt steeds maar weer de tweede stem
het spitst in elk gesprek zijn oren
en zet op elk plezier een rem

Rouw volgt je als een vaste schaduw
maakt je vaak moedeloos en moe
net als je denkt dat het kwijt bent
grijnst het je al van verre toe

Al komt het steeds opnieuw tevoorschijn
het kent zijn plek uiteindelijk wel
maar het zal altijd bij je horen
een levenslange metgezel

Gedicht van Annelies Brinkhuis